Ontstaansgeschiedenis Nationale Bomenbank

De Nationale Bomenbank is 40 jaar geleden gestart als een dochterbedrijf van wat toen met meer dan 300 man het grootste groenbedrijf van Nederland was: Mostert en de Winter. Onderdeel van het werk was natuurlijk ook het planten van bomen.

Voor de aanleg van de wijk Sterrenburg in Dordrecht moesten een aantal 50-jarige platanen verwijderd worden. Het toenmalige plantsoenhoofd vroeg of het mogelijk was deze bomen te verplanten naar de nieuw gebouwde flats. Dat was de eerste grote verplantklus. De vraag kwam of Mostert en de Winter ook grote bomen wist te staan die weg moesten voor bouw activiteiten. Er werd bedacht een registratie systeem op te zetten en daarin alle bomen te registreren die om wat voor reden ook moesten verdwijnen. Dat was feitelijk de geboorte van de Nationale Bomenbank. Officieel opgericht januari 1972.

Begin zeventiger jaren bestond de Nationale Bomenbank uit een clubje van 4 man die in de winter bomen verplante en 's zomers boomverzorgingswerk uitvoerde. Veelal was dit werk een kwestie van pionieren en ervaring opbouwen. Nieuwe technieken moesten ontwikkeld en verbeterd worden.

In 1976 was de Nationale Bomenbank de eerste die rond een boom ging zuigen. Hiervoor werd een oude Bedford kolkenzuiger omgebouwd, waarmee de grond rondom een boom verwijderd kon worden zonder schade te maken aan het wortelgestel en kabels en leidingen. Nieuwe innovaties volgende snel zoals het ‘ploffen’ en de ontwikkeling van bomenzand: ééntoppig Boomgarantzand ‘Rotterdam’. Op het gebied van het verplanten van zeer grote bomen werd in de jaren 80 door de Nationale Bomenbank een nieuw systeem ontwikkeld: de Pallet methode, voor het eerst uitgevoerd in Schiedam.

Inmiddels is de Nationale Bomenbank uitgegroeid tot een allround boomverzorgingsbedrijf, nog steeds gericht op kennis en innovatie, met een klantgerichte instelling en gekwalificeerde medewerkers met passie voor bomen.